TEXTS

EXTRACT "PICTURING MOOD: THE WORK OF MARILOU VAN LIEROP"

“Van Lierop’s paintings of crowds form networks, in some cases this is emphasized with the introduction of lines painted between depicted figures, or left un-delineated, they are instead implied by elements in paintings that draw together the attention of people.  She has also carried similar ideas into other media.  Early examples of this work are untitled, where the artist has chosen an enigmatic quality of the image to remain un-named.  Any gleaned excitation or ennui in the viewer is coupled with giving an eponymous role over to him or her.  The paintings are done largely in grey tones, and where the strands are represented, by lines.  Different examples show various instances of linkage with different emphases. “

“Later works such as these are larger in size, they represent a greater scale of crowds, employ more diverse imagery, and some contain titles.  There is advancement in the type of imagery displayed in the work, from modest-sized realist paintings containing deliberative pictorial additions to fantastic and symbolic-like compositions in subtly different styles.  The features of van Lierop’s paintings that act as supplemental devices linking figures, white lines, flat planes of white, remain in some of the later paintings.  They are often less emphatically part of the picture, rather they isolate individuals or small groups within a larger setting.  Works such as Mountain of Happiness of 2010, or Mountain of Happiness/sea of 2011, show such a progression.  Detailing of white abstract lines between figures in 2010 reveals an integrated pictorial function, with the exception of a single spot-lighted figure in the foreground.  In 2011 largely discrete groupings of people are selected for white outline, providing a flatness that highlights the idea of a figure/ground relation within a general aerial perspective.  Another development showing the feature progressively minimized can be seen in two related works, respectively: White Suburbia of 2012 and White Suburbia 2 of 2015.  The earlier painting, populated with a combination of surreal faces and dark passages, as well as naturalistically rendered human figures, is gathered together with the aid of white curves and implied angled rectilinear structures.  The later painting is organized around a foreshortened swirl of a crowd on flat farming land.  Centred in the swirl is a round dark build-up suggesting intense activity, figures painted in the surrounding area are either washed out in the background, in the foreground they fork into the composition with greater pictorial resolution.  Surrounding rectilinear structures and curved lines open up the cluster to a larger dynamic flow.   The sense of movement in the crowd, corresponding to something unknown but compelling, takes over from focus on representing, openly, its different characters.  The more general and provisional the structure of the crowd, the more anonymous its source of interest becomes.

Van Lierop has expanded into other media.  In 2008 she produced a scale model of a sports stadium, an interior lit structure with sloping planes from the upper outer edge to the central bottom.  The surface of the planes is textured and marked as if to indicate crowds, a black linear complex connects parts of the crowds with the stadium ground, specifying a zone of activity but not the nature of it.  In 2014 she made a film entitled Total recall of mundane conversations.  A bird’s eye night vision security camera records a crowd of people shifting slowly as they witness a blaze beside a statue in a public square.  In this case quite specific study is made of the crowd as a moving mass in the midst of an event.  Occurrences happen within the crowd, to people in ever-present barely-decipherable detail, revealed in and by time.  Time also shows the same movement simultaneously across the gathering, transmuting it into an organism seemingly pulsing away regardless of any natural law.  The camera is like a participant in what is happening; uncertainty is what it records, separate and astonished.  In fact the film records the fundamental fabric of group dynamics through a duration that can be entered into almost at any point. These developments are important in part because they extend the visualization of her paintings into other media, requiring greater awareness from a viewer, and in part because they also show more which may imply the unseen.  They suggest that more explicitness in the visible; extended by an object and in film, the more that can remain hidden.The artist’s studies of individuals, while maintaining technical consistency with her other work, add identity to people.  This has occurred either through a modification of the human figure so that animal and human combinations are seen, or by linking the figure to known iconography.”

Simon Deakin

H ART #166 26.01.2017 "Met de blik van de buitenstaander"

Met een studieus gezicht hamert kunstenaar Diego Tonus op een houten blokje. Plechtig hanteert hij exemplaren uit een uitgestalde collectie voorzittershamers in de film “Processing Authorities”. De ene hamerslag klinkt parmantig, de volgende klinkt macht, want wie vergaderingen voorzit, is de baas. Het heeft iets aandoenlijks , die kunstenaar en zijn wetenschappelijk aandoende onderzoeksmethode. Natuurlijk zeggen houten hamerklanken lang niet alles over macht. Maar de omweg om bij een belangrijk onderwerp te behandelen, is zo onverwacht, dat maakt indruk. Tonus is een van de vele kunstenaars die publiceerden in het van oorsprong Belgische, maar internationaal gerichte kunstenaarstijdschrift Gagarin, opgericht in 2000 dat met het naderende 33ste nummer zal stoppen, zoals gepland bij aanvang. En nu is hij één van de deelnemers van de expositie “See How the Land Lays” in het statige Huis Huguetan in Den Haag waar expositieruimte West tijdelijk is neergestreken.

Beeldende kunstenaars schreven de nummers van Gagarin vol, twee keer per jaar. Hoe die teksten zich verhouden tot beeld? De kunstenaarsbijdragen in het tijdschrift liggen opengeslagen. Het is een veelvoud in aanpak: soms is het een script van een eerder videowerk, dan weer is het een bijdrage die op zichzelf staat. Marilou van Lierop laat bijvoorbeeld op de pagina’s de woorden van de Watergate-tapes vervliegen, tot rudimentaire flarden overblijven: woorden dansen over een bijna witte bladspiegel en gevoelsmatig. Alsof ze aan een nieuw verhaal beginnen. Haar tentoongestelde videowerk “Total Recall of Mundane Conversations” is eveneens gebaseerd op daadwerkelijke gebeurtenissen: een praalwagen verdwijnt, volgens traditie, in een rookgordijn tijdens Carnaval. Spectaculair, maar de eigenlijke aantrekkingskracht van de video zit in de mensenmassa rond de wagen die pulseert en beweegt alsof ze niet nader geduide natuurwetten volgt. De gefilmde gebeurtenis toont het onderliggen weefsel van groepsdynamiek, met de camera in de rol van de verbaasde buitenstaander.

Die blik van de buitenstaander komt ongetwijfeld in de buurt van hoe kosmonaut Gagarin zich voelde toen hij naar de aarde terugkeerde. Dat is althans wat de expositie beoogt: hoe ligt het land erbij, als je er vanbuiten naar kijkt .Dat gevoel van onmetelijke afstand doet aan de film “Powers of 10” die Charles en Ray Eames voor IBM maakten in 1977, overigens geen onderdeel van de tentoonstelling. De opname begint met een picknick in een park, om uit te zoemen naar de oneindigheid van het heelal. Zo, maar precies andersom moet het zijn om terug te keren op aarde: eerst de weidse blik, dan onvermijdelijk de terugkeer op Aarde en het neerkomen op één punt, daar waar je voeten de grond raken.

Hoe ziet het land eruit? Vol associatief te benaderen gebeurtenissen, volgens van Lierop. Geregeerd door de macht, die even snel kan tanen als geluid uitsterft, volgens Tonus. De expositie kent een onmiskenbare dichterlijke grondtoon. Onvermijdelijk, als de basis van de tentoonstelling verankerd is in het geschreven woord.

Maar het dichterlijke hoort ook bij de beeldende kunst: Latifa Echakhch bouwde wolken van bordkarton. Schapenwolkjes drijven laag langs de grond. Loop je eromheen, dan zie je de achterkant: een donkere, functionele constructie. Even verderop staat een grote vlag op het punt op door een kleine opening te verdwijnen, een werk van Gabriel Kuri. Een vlag zou moeten wapperen in de wind, opvallen. Maar nu betrappen we het doek – met daarop een pagina van een Spaans boek – dat lijkt te willen verdwijnen.

Bij Guillaume Bijl staan de vlaggen juist parmantig opgesteld in zijn installatie “Nieuwe Democratische Partij”. Ze zijn Europees, nationalistisch en lokaal: De Europese Unie, Nederland en Den Haag. Ook Bijl zoemt in. We zijn in het decor van een politieke bijeenkomst. De stoelen staan klaar maar de toehoorders zijn nog niet gearriveerd. Muziek van Joe Cocker schalt opgewekt door de luidsprekers, het spreekgestoelte wacht op de spreker. Dat is ongetwijfeld Stef Duyck, aangekondigd op posters aan de wanden. Met zijn ronde wangen, zijn keurige zwarte pak ziet hij er verdacht onverdacht uit. Zou deze Stef een volksmenner zijn? Heeft hij nazisympathieën , is hij een populist? Wie zoekt naar tekenen die het gedachtegoed van deze fictieve partij verraden, komt bedrogen uit. De wolken die links en rechts van het spreekgestoelte geprojecteerd zijn, verraden niets. Het gaat niet goed in deze tijden van populisme en migratieproblematiek waar de EU en de politiek geen oplossingen voor kunnen vinden. Toch doet Bijl geen harde uitspraken. Hij schept een theatrale omgeving, die je genadeloos confronteert met je eigen visie.

“See How the Land Lays”, met een aanvullende expositie in West, had gemakkelijk kunnen ontsporen in een veelvoud aan stemmen en ideeën, gezien de enorme lijst kunstenaars die ooit publiceerden in het tijdschrift. S.M.A.K. zal eind januari Gagarin ook uit luiden met een expositie. In Den Haag is het de samenstellers, collectief H.E.L.D., gelukt om raadselachtigheid, dichterlijke vrijheid en zelfs een visie op politiek overtuigend te laten samenvloeien. Kijk naar de wolken: bij Echakhch zijn ze associatief, bij Bijl zijn ze in potentie zwanger van politieke betekenis. Zelfde vorm, andere boodschap.

Machteld LEIJ